Vergeving, een woord dat zo zwaar op de tong ligt,
Een veer die je tilt, maar soms ook verstrikt.
Met een knipoog naar mezelf, kijk ik in de spiegel,
Wat voor fouten heb ik gemaakt? Oh, wat een gekke cirkel!
Ik ben niet perfect, dat weet ik heel goed,
Met blunders en misstappen, zo vol van mijn moed.
Soms ben ik de held, soms de schurk in mijn spel,
Vergeving voor mezelf, dat is een kunst, dat is wel.
Met een glimlach en een traan, laat ik het verleden rusten,
Want wie ben ik om te oordelen, als ik zelf soms moet zuchten?
De ander is ook maar mens, met zijn eigen strijd,
Dus waarom niet wat ruimte geven, met een beetje bescheidenheid?
Oh, die momenten van falen, ze zijn zo menselijk,
Net als die keren dat ik sprak, zonder na te denken, heel snel.
Maar met humor in mijn hart, en een knipoog erbij,
Vergeef ik mezelf en anderen, en laat ik los, oh zo vrij.
Ik ga niet meer hangen in wat eens is geweest,
Want vergeving is vrijheid, het beste wat je geeft.
Dus lach ik om mijn fouten, en geef ik ze een naam,
Met liefde en begrip, laat ik de last gaan.
In de dans van vergeving, met een sprongetje en een lach,
Zeg ik: “Het is oké, we zijn hier samen, dat is wat ik graag mag.”
Want we zijn allemaal op reis, met onze eigen weg,
Dus laten we elkaar omarmen, zonder enige weg.